De handen van de leraar, eenvoudig neergelegd, helpen de leerling zijn innerlijke ruimte vol beweeglijkheid te hervinden en af te wijzen wat natuurlijke houdingen en gebaren belemmert.
De Alexandertechniek is een actief leerproces waarbij je nieuwe, meer natuurlijke en efficiënte manieren ontdekt om je lichaam te gebruiken.
Alexander ontdekte dat de relatie tussen hoofd, nek en rug de algemene coördinatie van het lichaam aanstuurt, en dat deze relatie ons helpt om met meer gemak te bewegen.
Door te leren hoe je dit “primaire controlemechanisme” – zoals hij het noemde – herstelt, worden lichaam en geest samengebracht in één geheel waardoor de hele mens wordt geleid naar meer heilzame manieren van gedrag in het algemeen.
Ik kan weer rechtstaan zonder meteen steun te zoeken of te willen gaan zitten. Ik dacht dat ik dat vermogen niet meer in mij had, terwijl ik er toch mee geboren ben." - Philippe Beumier
Waarom hebben we de Alexandertechniek nodig?
Als kleine kinderen leren we door vallen en opstaan hoe we ons lichaam in evenwicht houden en bewegen – we ontdekken spelenderwijs hoe we kunnen zitten, rechtstaan, stappen, rennen, springen, dansen ...
Dit natuurlijke leerproces geeft jonge kinderen vaak een opmerkelijke bewegingsvrijheid en soepelheid waar we als volwassenen alleen maar jaloers op kunnen zijn. Maar naarmate we ouder worden, zijn de uitdagingen van het leven complexer, en die natuurlijke lichtheid gaat vaak verloren.
Onze reactie op die uitdagingen uit zich in allerlei vormen van spanning – zowel lichamelijk als mentaal. We verliezen het gemak en de moeiteloosheid waarmee we ooit begonnen zijn aan het leven. Die spanningen worden dan onbewust een vast onderdeel van wie we zijn: een constante achtergrond in alles wat we doen, voelen of denken.
Alexander noemde dit het "gebruik" van een persoon – de manier waarop we onszelf inzetten in beweging, houding, aandacht. Hij besefte hoe diep dat gebruik ons functioneren beïnvloedt. Zo’n ongunstig gebruik kan leiden tot stijfheid, pijn of angst. Het leven voelt zwaarder aan, dagelijkse handelingen worden lastiger, en we kunnen ons potentieel niet volledig benutten – in sport, kunst, werk of gewoon in het alledaagse. Zelfs ons zelfvertrouwen kan eronder lijden.
Alexander ontdekte dat we dat gebruik kunnen heroriënteren – niet via fysieke manipulatie, maar via bewustwording, gerichte aandacht en intentie. Zijn techniek is dus in wezen een training van de aandacht. Die aandacht richt zich op het lichaam én op onze aanwezigheid in elk moment, in relatie tot onze omgeving. Dat stelt ons in staat om de automatische, belemmerende gewoontes los te laten – en opnieuw een natuurlijker gebruik van onszelf te vinden.